“Als je echt van de natuur houdt, dan vind je schoonheid overal” (Vincent van Gogh)
11 april 2026 - Wasserbillig, Luxemburg
De dag begon met zon, wat sluierbewolking en 9 graden. Het zou oplopen tot 20 graden. Het trok dicht rond half één en nu spettert het licht.
We vertrokken om 9.15 uur voor bus 271 naar Echternach, waar we binnen een half uur aankwamen.
De witte zoete kers en roze Japanse kers bloeien nu uitbundig met prachtige bloesem. Ook de laurierkers heeft bloemen.
In Echternach (de oudste stad in Luxemburg) liepen we de “Cactus” binnen voor broodjes en vervolgens liepen we naar de Markt voor koffie. In de zon op het terras van “Café um Moart” genoten we van de schoonheid om ons heen. De Notre Dame kathedraal lieten we links liggen, omdat we deze al eerder hadden bezocht.
Echternach is behoorlijk toeristisch met veel horeca en toch zagen we in de hoofdstraat veel winkelpanden leeg staan. Het was 10.30 uur en we begonnen meteen met een klim van 150 naar 300 meter. We liepen in een file. Gedachten aan Sarria 100 kilometer voor Santiago, vielen me in. Opvallend veel groepjes Nederlandse en Vlaamse vrouwen. Tja, de Mullertrail is bekend, het was mooi weer en ook nog eens zaterdag. We hadden het kunnen weten. Een groot verschil met de wandeling door het wijngebied van twee dagen geleden.
De meesten bogen af naar Berdorf, één van de mooiste wandelingen van de trail, die wij al eerder hadden gelopen. Wij liepen de route naar Scheidgen, die we niet eerder hebben gelopen.
Ik zag mannetjesorchis bloeien, de gevlekte aronskelk, pinksterbloemen, lieve vrouwe bedstro. Er fladderde een gehakkelde aurelia voorbij, blauwtjes en heel veel bonte zandoogjes. We liepen door een licht beukenbos met fris groen blad. Het verkeer onder ons was helaas wel hoorbaar. Na de klim werden we beloond met een prachtig uitzicht op Echternach.
Het ging op en neer. In totaal klommen we 400 meter en daalden we 250 meter.
De beekjes waren grotendeels drooggevallen. Er bloeide van alles: grote muur, paardenbloemen, maartse viooltjes, bosanemonen, gele dovenetel. Ik zag opgekruld blad van het lelietje van Dalen en varens. Indrukwekkende rotsformaties van zandsteen met grillige vormen doken op, typisch voor de Mullertrail. De geschiedenis van het Mullerthal begint circa 245 miljoen jaar geleden, in een zee. Zand werd rots. De zee verdween en rivieren vormden de indrukwekkende rotsformaties zoals we ze tegenwoordig zien.
Ik zag grote veldbies, goudveil, gele anemonen, speenkruid en vingerhelmkruid. Overal is schoonheid zichtbaar!
We lunchten aan het smalspoortraject, “Charley” genaamd. Het treintje reed van 1904 tot 1954 over 45 kilometer van Luxemburg naar Echternach. Wij zaten vlak bij de halte “Kalkesbach”.
Langs die beek en spoortraject liepen we naar Scheidgen, waar we na 10 kilometer om 14.00 uur aankwamen. We twijfelden of we door moesten lopen naar Consdorf, maar dan liepen we het risico de bus te missen en zouden we een uur moeten wachten. Bovendien leek de regen niet ver weg te zijn gezien de grijze kleur van de lucht.
We dronken thee uit de veldfles in afwachting van bus 262 naar Echternach. Daar moesten we wachten op bus 271 naar Wasserbillig. Rond 16.00 uur liepen we de camping op.
Het zit erop in Wasserbillig. We hebben mooie dagen gehad met schitterend weer. Morgen gaan we naar Clervaux. Ik ben benieuwd wat ons daar weer te wachten staat.
Veel plezier op jullie volgende stek!