Door het rijke Roomse land
19 maart 2026 - Rhenen, Nederland
Om 9.00 uur vertrokken we naar Cuijk. Het was 5 graden, zonnig en wolkenloos. Vandaag gingen we de eerste etappe lopen van het "Land van Cuijk pad", van Boxmeer naar Cuijk. We reden langs de verkiezingsborden, die van alles beloofden. Ook in Rhenen was de Lokale Volkspartij de een na grootste partij na de SGP geworden: "meer parkeerplaatsen, geen AZC, behoud aan identiteit" enzovoort. Hoe kan het, dat we op de zevende plek staan wat betreft het gelukkigste land en we toch met de onderbuik stemmen? We zijn notoire slachtoffers en ontevreden, denk ik, waarmee ik de echte problemen niet wil ontkennen. Ik was boos en teleurgesteld, al had ik natuurlijk beter kunnen weten. Ik voelde hoe de zon op mijn gezicht scheen. De knop moest om wilde ik me niet door de negativiteit mee laten sleuren. Ik zou dan op dezelfde manier acteren. Dus: geniet van de zon en de wandeling vandaag!
Om 9.30 uur zetten we de auto op het station van Boxmeer. We konden meteen instappen in de trein naar Cuijk, waar we om 9.44 uur aankwamen. Het voorjaar is nu echt losgebarsten na een aantal mooie zonnige en warme dagen. De witte en roze Japanse sierkers bloeit nu zo prachtig, ook de (ster)magnolia doet er niet voor onder. Blauwe druifjes, hyacinten, narcissen, vroege tulpen... het is een feest. We dronken eerst koffie in ": Brownies & downies" en onderwijl bestelde Dick Jan kaartjes voor twee zondagochtendconcerten in het Concertgebouw en ik voor de film "La Grazia" zaterdagmiddag. Bij de bakker kochten we nog even broodjes en toen gingen we echt van start. De sleedoorn bloeit, de meidoorn heeft lichtgroen blad, lila sneeuwroem, paarse maagdenpalm, witte vibirnum, gele forsythia, roze zenegroen, paardenbloemen, madeliefjes en overal de stralende zonnetjes van het speenkruid. Wat is het nu toch mooi! We liepen de Romeinse weg Via Valentiniana op, over een verhard fietspad, onder de snelweg A71 naar Duitsland. De jas ging uit, er stond nauwelijks wind. Mijn voeten herkenden de cadans van het wandelen. De 'bokkenpootjes' van de es staken zwart af tegen de blauwe lucht. De kastanje met de kleverige uitbottende knoppen en teer groen blad ontroerde me. We liepen langs gevlochten meidoornheggen; voor de vijand een obstakel (als ook voor het vee vroeger), voor het bezette land een zegen.
Het eerste stukje was een beetje saai met aan de ene kant braakliggend, omgeploegd land en aan de andere kant productiegrasland. Links doemde Beugen op. Dikke hommels zoemden voorbij, ook de citroenvlinders lieten zich zien. Musjes lieten zich horen, vinkenslagen waren hoorbaar, buizerds miauwden in de lucht en een fazant tetterde in het weiland. Het pad leidde ons weer terug naar de Maas. Daar aten we onze lunch op een bankje. Het was 12.10 uur en 13 graden. We hadden er acht kilometer opzitten. We liepen vervolgens langs de rivierkazematten van de Maaslinie. Schepen ronkten voorbij. In hoge bomen waren eksternesten zichtbaar. Op het terras van "Het Veerhuis" was het druk. We liepen het gebied "De Maasheggen" in; het oudste cultuurlandschap van Nederland. Op de Oefelter Meentroute liepen we door drassig gras, modder en plassen en schaafden we ons aan de doornen van de meidoorn. Via stegelkes kregen we toegang in het volgend stukje fraai landschap. Om half twee (11 km) dronken we thee uit de veldfles aan de Maas. Achter ons werden we gezien door twee reeën, die ons eerder zagen dan wij hen. Op klaarlichte dag! Even verder zag ik de eerste pinksterbloemen van dit jaar, op 19 maart!
We liepen langs het Kruisherenklooster in Sint Agatha (15e eeuw). Het zoveelste bewijs van een rijk Rooms leven. Aan een zijarmpje van de Maas bouwden kinderen een dam. "Zijn jullie aan het wandelen?", vroeg een meisje van circa tien jaar. Toen ik dat bevestigde, zei ze "dat dit de mooiste plek was van de wereld". Ik moest beamen dat het inderdaad heel mooi was. Hoe leuk was dat! De Sint Martinuskerk (1911, architect C. Franssen, driebeukige neogotische kruisbasiliek) van Cuijk kwam in beeld. Op afstand lijkt het wel een kathedraal. Aan de Maaskade dronken we de laatste thee uit de veldfles en werden vervolgens onderhouden door een enthousiaste 80-jarige die ons met passie de rijke Romeinse geschiedenis van Cuijk vertelde.
We liepen terug aan de auto, waar we om 16.30 uur aankwamen. Het was 17 graden. We hadden 19,5 km gelopen. Zonder een centje pijn! Een uur later waren we thuis, Onderweg zag ik mijn eerste lammetjes van dit jaar dartelen in de wei.
Foto’s
2 Reacties
-
René van den Burg:22 maart 2026Heerlijk met alles wat de lente geeft in een wereld die zoveel minder biedt
-
Conny Plomp:22 maart 2026Mooi gezegd René. Oog blijven houden voor de schoonheid in kleine dingen!