Op safari in de Flevopolder of speurtocht voor volwassenen

10 juli 2025 - Rhenen, Nederland

Zondag jl hoorde we tijdens de uitzending van “Vroege Vogels” voor het eerst over het “Natuurpark Lelystad”. We kennen de Oostvaardersplassen, maar dit natuurgebied dat nu haar 50-jarige bestaan viert, was voor ons compleet nieuw. 
“Het park is begin jaren zeventig ontstaan op initiatief van de toenmalige Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders in samenwerking met dierentuin Artis. De Rijksdienst wilde een waterrijk park realiseren ten gunste van vogels en grote hoefdieren voor de inwoners van Lelystad. Artis zocht een buitenverblijf voor zijn grote hoefdieren. Men besefte zich dat -door toenemende bevolkingsdruk in Europa- grote hoefdieren en roofdieren onder druk zouden komen te staan. En zo werd het idee geboren om het park een rol te laten spelen in de bescherming van diersoorten. En die rol vervult het park nog steeds” (bron: Flevo-landschap.nl). De introductie van de bevers in de Biesbosch is deels te danken aan Natuurpark Lelystad. Er werd ons het volgende beloofd: de exmoore pony, wisent, przewalskipaard, Europese otter, edelhert, wild zwijn en ooievaar. Maar ook: reeën, konijnen, vossen, bevers, wezels en boommarters waren aanwezig in het park. De ijsvogel, aalscholver, lepelaar, roerdomp, wielewaal en de zeearend waren ook gespot. Dat beloofde veel moois! 

We vertrokken rond half tien nadat we boodschappen hadden gedaan. Het was 18 graden en half bewolkt. Er stond nauwelijks wind. Weliswaar met een kater: de Oranje Leeuwinnen hebben gisteravond met 4-0 verloren van Engeland en het is maar de vraag of we überhaupt verder komen dan de groepsfase van het EK. 
Via Veenendaal, Ede, Barneveld, door het agrarische Veluwe naar Nijkerk, achter een trekker richting Putten, Harderwijk naar Lelystad. Zwaluwen boven de velden. Een sanitaire- en koffiestop onderweg. Om 12 uur kwamen we aan op de Vlotgrasweg nummer 11. Het bezoekerscentrum was nog niet open (12 uur), dus we begonnen meteen met lopen. Ik zag brunel, koninginnekruid, vogelwikke en jacobskruiskruid, harig wilgenroosje, kleine/ronde weekschild, gewone rolklaver, berenklauw, bosrank, madeliefjes en braam. Het park heeft afwisselend waterpartijen, rietvelden, grasland en gemengd bos. 

In 1988 is de laatste wilde otter doodgereden, maar in 2002 zijn er weer uitgezet in de  Weerribben. Wij zagen deze visminnende roofdieren niet. Wel koolwitjes, dagpauwogen en een landkaartje (!) op akkerdistel. Storend waren de kleine vliegtuigen (van vliegveld Lelystad) in de lucht. Over dat lawaai heb ik in “Vroege Vogels” niets gehoord. 
De edelhertpopulatie bestaat uit dertig dieren. Wij zagen een hinde oversteken! 
In een boom leken spreeuwen zich te verzamelen, hoewel het nog veel te vroeg is voor de trek. Ik kreeg Hitchkock- achtige gevoelens bij zoveel spreeuwen. De boom klonk als een ratelpopulier in een storm.

Het viel me op hoeveel vrolijke zangers er nog zijn in deze tijd van het jaar. Behalve vinken en roodborstjes, hoorde ik ook de kleine karekiet in het riet. De zomer is in volle gang en ik zag hoeveel vruchten en bessen er al zijn gevormd; in de meidoorn, kastanje, rode kornoelje, eiken, vlier, braam en bosaardbei. Het park heeft een enorme diversiteit aan bomen en struiken, bijvoorbeeld de zakdoekjesboom en de abeel met de mooie ogen. 
We zagen wilde zwijnen met kids struinen. Er werd onderling gecommuniceerd in snerpende biggentaal. 
Om 12.30 uur aten we onze boterhammen oog in oog met een kudde van circa 13 Pater Davidsherten, die op een strandje lagen aan de overkant van een plas.
De przewalskipaarden waren in 1968 uitgestorven. Ze zijn hier gefokt en in1992 zijn ze weer “terug” gebracht naar de Mongoolse steppen. Het fokprogramma is nu afgelopen en er loopt er nu nog maar een rond, die we niet hebben gezien. 
Vanaf 1976 leven er wisenten in het park. Er zijn meer dan 120 uitgezet in tientallen natuurgebieden in Europa. Nu lopen er nog 13 rond, die wij ook niet hebben gezien hoe goed we ook speurden. De dieren vertonen natuurlijk gedrag en laten zich niet zien op het midden van  de dag. Ik zag wel een enorme zwavelzwam. 
Het eland was de eerste die zich in het park vestigde in 1975, maar ook deze schuwe kolos hield zich verscholen. Er zijn nog twee. 

In de “Waterlely” was vermoedelijk een gesloten huwelijksfeest gezien het aantal prachtig geklede dames die ons voorbij liepen. We konden wel terecht voor verse muntthee bij “Restaurant Harteluk”.  Het was twee uur, we hadden acht kilometer gelopen. Een klein rondje en eigenlijk zou ik er geen blog aan vuil maken, maar het was het vermelden waard. Geen pijnklachten vandaag, in tegenstelling tot afgelopen maandag. Een middagje lopen door Amsterdam, inclusief museum bezoek, werd een pijnlijke bedoeling. Het bezoek aan de huisarts resulteerde in een doorverwijzing naar de orthopeed aanstaande maandag. We gaan het zien! 


 

Foto’s